
Recensies zijn geplaatst met goedkeuring van het Brabants Dagblad.
|
Uit het Carillon 16 juli 2009

|
Recensie uit het Brabants
Dagblad van maandag 18 februari 2008
Het is de verdienste
van de Culturele Stichting De Poort in Rossum, om zo kort na het verrassende
optreden van het Meisjeskoor Senta, het Ovino blazersensemble voor een concert
te contracteren. Dit ensemble bestaat uit professionele en gevorderde amateur
musici die spelen in de voorgeschreven samenstelling met 2 hobo’s, 2
klarinetten, 2 bassethoorns (voor Mozart), 2 fagotten, 4 waldhoorns, 1 cello
(voor Dvorak) en 1 contrabas.
Een extra moeilijkheid bij een dergelijk kwalitatief qua spelniveau zo gemèleerd
ensemble is, dat niveauverschillen direct leiden tot ongelijkheden in het
samenspel. Elke instrumentalist is een solist en de technische vaardigheid
mag dan onderling niet te veel verschillen. Zelfs voor een professioneel blazersensemble
is het programmeren van deze, als Gran Partita bekend staande Serenade van
Mozart, niet alleen prestigieus, maar ook gevreesd om zijn moeilijkheid. Technisch
en muzikaal wordt het uiterste van de musici gevraagd. Daarmee heeft de dirigent
Lex Bergink onvoldoende rekening gehouden en dat kwam de uitvoering niet ten
goede.
Het Ovino ensemble opende met de ‘Serenade’ Nr. 10 in Bes groot
KV 361 für 12 bläser und Kontrabas van Wolfgang Amadeus Mozart (1756-1791).
Dit werk - uit de jaren direct na 1780 - kent zeven afzonderlijke delen en
is zeer aansprekende muziek voor een dergelijk ensemble. Zeker één
van de grootste werken van deze meester met zijn contrasterende elementen
in vorm en instrumentatie. Mozart vraagt om sprankelend en lichtvoetig spel
en daaraan kon dit ensemble niet voldoen. Voeg daarbij onevenwichtigheden
in klankbalans, techniek en intonatie, dan was dit werk geen gelukkige keuze.
Na de pauze klonk de Serenade in D groot van Antonin Dvorak (1841-1904). Muziek
die nauw verwant is aan de Tsjechische volksmuziek en vaak één
en al vrolijkheid uitstraalt. Dvorak schreef dit werk naar eigen zeggen voor
harmonie-orkest, de benaming voor een dergelijk ensemble in die tijd. Dit
werk paste aanmerkelijk beter bij het niveau van deze blazers, hoewel klankbalans
en intonatie ook nu om verbetering vragen.
Al met al een concert met plussen en minnen waarbij de keuze van het programma
nog eens kritisch moet worden bezien.
Recensie
Door Jan
van Nerijnen
Gehoord
zaterdag 16 februari
in de Protestantse Kerk te Rossum
Recensie uit het Brabants
Dagblad van maandag 28 januari 2008.
Werd het eerste optreden van het Meisjeskoor
‘Senta’ tijdens de heropening van De Kreek in Kerkdriel nog gezien
als een try-out, zondagmiddag gaf het koor een compleet concert in de Protestantse
Kerk te Rossum. Tijdens dat eerste optreden bleek al dat deze meisjes door
zangpedagoge Sylvia van der Vinne zorgvuldig zijn geselecteerd. Er wordt niet
alleen gewerkt aan stemvorming, intonatie en articulatie. Ook het van blad
muziek lezen en zingen krijgt alle aandacht. Het repertoire is heel breed
van opzet en men schuwt allerminst het wat modernere repertoire zoals bleek
uit het werk van Ignace Lillien. De begeleiding, met zijn vele dissonanten
in de akkoorden, werd uitstekend gespeeld door de pianisten Carl van Kuyck,
Janneke Oostelbos. Slagwerker Ivar Dorst ondersteunde en Hanneke Roos vertelde.
Voor de pauze bestond het programma uit volksmuziek, negrospirituals en korte
liederen van de Engelse componist Benjamin Britten. In ‘Gia il sole
dal Gange’ van Alessandro Scarlatti debuteerde de pas 18 jarige sopraan
Selina Leerintveld uit Alem als soliste. Een pril zangtalent dat geschoold
wordt door Sylvia van der Vinne en zeker als een potentiële conservatoriumleerling
gezien mag worden. Haar stembeheersing en ademtechniek zijn opvallend en verraden
bijzondere kwaliteiten. Zeker waard om verder ontwikkeld te worden.
Het meest interessante deel van het programma viel na de pauze te beluisteren
met een strikt programmatische compositie gebaseerd op een nog steeds actueel
thema.
Van de Poolse componist Ignace Lillien werd zijn schoolcantate ‘A negrogirl
goes to school’ uitgevoerd, waarin een meisje als eerste kleurling naar
een blanke school gaat en daar met allerlei vooroordelen te maken krijgt.
Hier uitgebeeld door het koor. Eerst provocerend dan weer beschouwend. Zelfs
de twee pianisten – vier handig piano – vertolkten de rol van
docent en leerling. Maar zoals het hoort eindigt ook dit werk met een happy-end
en een moralistisch lied, zo van ‘we zijn allemaal gelijk, ongeacht
je huidskleur’.
Van der Vinne is een geweldige vakvrouw en weet met haar pedagogische kwaliteiten
ook dit meisjeskoor meer dan voortreffelijk te inspireren. Alle technische
onderdelen zijn tot in detail bestudeerd. Het was een waar genoegen om dit
onbevangen, spontane koor te beluisteren en is een zeer waardevolle aanwinst
voor de hedendaagse koorcultuur. Een overrompelend debuut.
Recensie
Door Jan
van Nerijnen
Gehoord
zondag 27 januari 2008
Protestantse Kerk te Rossum
Recensie
uit het Brabants Dagblad van zaterdag 27 oktober.
Supertalenten
Weijenberg en Aguirre concerteren in de Hervormde Kerk van Rossum
Gisteravond organiseerde de culturele stichting
De Poort haar traditionele en kwalitatief hoogstaande, jaarlijks terugkerende
klassieke concert in de N.H.Kerk. De voortreffelijke cellist Sietze –
Jan Weijenberg (1983) kwam ook dit jaar zijn belofte na om Rossum wederom
te vereren met een optreden. De jonge pianist Andoni Aguirre (1984) trad als
zijn begeleider op.
Sietze – Jan Weijenberg is een graag geziene gast. Zijn spel is zeer
volwassen en van een zeer hoog artistiek en muzikaal niveau. Niet voor niets
werd hij dit voorjaar tweede tijdens het internationale concours voor cellisten
in Nederland. Weijenberg studeert in Parijs aan het Conservatoire National
Superieur bij Michael Strauss. De pianist Andoni Aguirre studeert bij Bruno
Rigutto aan het zelfde conservatorium. Dit verschaft hem een zeer waardevolle
link naar de beroemde pianolegende Samson Francois. Hij beschikt over een
verfijnd touché wat hem in staat stelt de cellist op een voortreffelijke
wijze te volgen zonder ook maar één moment te domineren. Dit
is al een kunst op zich. Zijn technische vaardigheid is ongekend en hun samenspel
verraadt een gedegen en intensieve studie. Op het programma stonden composities
van de romantici Johannes Brahms (1833-1897) en Robert Schumann (1810-1856),
maar ook van de beroemde Russische componist Serge Prokofieff (1891-1953),
die nog tot de modern klassieken wordt gerekend. Een programmakeuze waar met
belangstelling naar werd uitgezien, met zeer toegankelijke en heel aansprekende
muziek. Weijenberg beschikt over een formidabele volle toon en zijn muzikaliteit
en technische vaardigheid zijn van een ongekende klasse. Technieken als flageoletten,
dubbelgrepen, pizzicato of spiccato weet hij moeiteloos toe te passen. Bijzonder
fraai was de uitvoering van Johannes Brahms’ ’Sonate’ in
e klein. Van een verstild pianissimo in de langzame delen tot een onstuimig
forte in het allegro. Alles klink als volmaakt, mede door het samenspel met
Aguirre waarmee hij een vast kamermuziekduo vormt. Voor de pauze vertolkten
zij nog de ‘Fünf Stücke im Volkston’van Robert Schumann.
Prachtige romantische muziek waarbij de componist zeer nauwkeurig heeft aangegeven
hoe hij zich de uitvoering er van voorstelde.
Tot slot werd de ‘Sonate voor cello en piano’in C groot opus 119
van Serge Prokofieff uitgevoerd. Pure muziek, wel met een geheel ander karakter
maar voortreffelijk weergegeven. Een excellent concert door twee supertalenten.
Door Jan
van Nerijnen
Gehoord vrijdag 26 oktober 2007
Hervormde Kerk te Rossum
Recensie
uit het Brabants Dagblad van vrijdag 21 september.
ROSSUM - De culturele
Stichting de Poort weet elk jaar wel een bijzonder
concert in Rossum te organiseren. Zo trad gisteravond het Joodse koor
HATIKWA - ook de naam van het Israëlische volkslied - uit Nijmegen in
de
akoestisch goed klinkende N.H. Kerk op. Op het programma stonden
meerstemmige liederen die allen als thema Hatikwa - " hoop"- hadden.
Het
koor is begin 2003 opgericht door mensen uit de hele omgeving van Nijmegen
die zich verbonden voelen met Israël en het Jodendom, maar ook heeft
het
koor leden die een heel ander geloof belijden. Een echt gemêleerd gezelschap
dus. Niet alle leden hebben een zangscholing genoten maar zijn wel vol
enthousiasme lid van het koor geworden. Zij zingen in het Hebreeuws
synagogaal, Ladino, Jiddisch en in het moderne Hebreeuws, dit alles met
begeleiding van piano en soms een klarinet is toegevoegd. Dirigent van het
koor is Joop Veuger die ook zorgt voor de bewerkingen voor een meerstemmige
uitvoering. Het koor heeft een geheel eigen stijl ontwikkeld, klinkt sonoor
met een goede articulatie en frasering. Ook al is 'koorminded' Rossum
verwend door de concerten van zijn voortreffelijke vrouwenkoor. Toch bleef
er veel positiefs te beluisteren en was het gebodene zangtechnisch heel
acceptabel. De verhouding binnen de groepen - de koorzetting is vaak
homofoon - was goed in balans en de instrumentale begeleiding ondersteunde
het geheel zonder te domineren. Vooral het enthousiasme waarmee het
omvangrijke programma werd uitgevoerd verdiende veel waardering en werkte
zeer aanstekelijk. In een typische harmonisatie werden de liederen
uitgevoerd. Soms heel devoot en soms heel gedecideerd, de juiste emotie
meegevend. Ook de vele solisten presteerden naar behoren en maakten samen
met het koor hun motto helemaal waar: Muziek met nesjomme, muziek met een
ziel.
Joods koor uit Nijmegen met meerstemmige liederen Gehoord in N.H. Kerk in
Rossum door Jan van Nerijnen - HATIKWA
|